De afgelopen maanden is de VSME-standaard steeds concreter geworden. Waar het eerst vooral ging over begrijpen wat er moet, verschuift de aandacht nu naar de praktijk: hoe ziet een goed VSME-rapport er eigenlijk uit?
EFRAG – de organisatie achter de standaard – zet daarin een volgende stap. Ze doen namelijk een open oproep aan bedrijven in Europa: deel je VSME-duurzaamheidsrapport en help mee om de toekomst van duurzaamheidsrapportage voor het MKB vorm te geven.
Van standaard naar praktijk
De VSME is ontwikkeld als een vrijwillige standaard voor kleine en middelgrote bedrijven, juist om structuur te brengen in de groeiende vraag naar duurzaamheidsinformatie.
Veel MKB-bedrijven herkennen het wel: vragenlijsten van klanten, banken of investeerders die allemaal net iets anders vragen. De VSME probeert dat te vervangen door één duidelijke, werkbare basis.
Maar een standaard leeft pas echt als die wordt gebruikt. En dat is precies waar EFRAG nu op inzet.
Waarom EFRAG rapporten verzamelt
Door VSME-rapporten te verzamelen, wil EFRAG inzicht krijgen in hoe bedrijven de standaard in de praktijk toepassen. Denk aan vragen zoals:
- Waar lopen bedrijven tegenaan?
- Welke keuzes maken organisaties in hun rapport?
- Wat zijn goede voorbeelden die anderen verder helpen?
Bedrijven die hun rapport delen, dragen daarmee direct bij aan de doorontwikkeling van de standaard en de ondersteuning daaromheen.
De opgehaalde inzichten worden later gebundeld en gedeeld, zodat andere bedrijven daar weer van kunnen leren. Publicatie daarvan wordt later in 2026 verwacht.
Meedoen zonder drempels
Meedoen is laagdrempelig. EFRAG vraagt om rapporten die:
- gebaseerd zijn op de VSME
- betrekking hebben op boekjaar 2024 of 2025
- afkomstig zijn van MKB-bedrijven (of organisaties die vrijwillig VSME toepassen)
Het rapport kan gewoon als PDF worden gedeeld, via een link of via de VSME template. Ook anonimiteit is mogelijk; data wordt standaard vertrouwelijk en geaggregeerd verwerkt.
Waarom dit moment belangrijk is
Wat hier gebeurt, is eigenlijk typisch voor deze fase van duurzaamheidsrapportage in Europa. De regels worden niet alleen “van bovenaf” ontwikkeld, maar ook “van onderop” gevoed.
Juist het MKB speelt daarin een sleutelrol. Niet omdat zij verplicht moeten rapporteren, maar omdat zij in de praktijk laten zien wat werkbaar is.
Door voorbeelden te verzamelen, ontstaat langzaam een gedeelde manier van rapporteren. Geen theoretisch model, maar iets dat echt aansluit bij hoe bedrijven werken.
Van beginnen naar verbeteren
Voor veel organisaties is het eerste VSME-rapport vooral een leerervaring. Dat hoeft ook niet perfect te zijn. Sterker nog, juist die eerste versies zijn waardevol voor het grotere geheel.
De oproep van EFRAG onderstreept dat: het gaat niet alleen om het eindresultaat, maar om het proces en de inzichten daarachter.
Of, anders gezegd: duurzaamheidsrapportage ontwikkel je niet alleen – maar samen.